Wat de wet eist
Een werkgever mag de arbeidsovereenkomst alleen onverwijld opzeggen om een dringende reden, en moet die reden ook onverwijld aan je meedelen (art. 7:677 lid 1 BW). Een dringende reden is gedrag waardoor van de werkgever redelijkerwijs niet kan worden gevergd het contract te laten voortduren; de wet noemt voorbeelden zoals diefstal en grove belediging (art. 7:678 BW).
De rechter kijkt naar alle omstandigheden samen: hoe ernstig het verwijt is, hoe lang je er werkt, hoe je staat van dienst is en wat het ontslag voor jou betekent. Betwist je de reden, dan moet de werkgever die bewijzen.
Waarom snel handelen belangrijk is
Een verzoek om het ontslag te vernietigen of om een vergoeding moet binnen twee maanden na het einde van je contract bij de kantonrechter zijn (art. 7:686a lid 4 onder a BW). Ontslag op staande voet kan ook gevolgen hebben voor je WW-uitkering en je transitievergoeding.
Wat je kunt doen
- Vraag de reden schriftelijk als je die niet duidelijk hebt gekregen, en zeg schriftelijk dat je het er niet mee eens bent.
- Bewaar alles: de ontslagbrief, berichten, roosters, beoordelingen.
- Kies binnen twee maanden: vernietiging van het ontslag (je blijft in dienst en houdt recht op loon), of het ontslag laten staan en een vergoeding vragen. Bij de kantonrechter heb je geen advocaat nodig, maar bij ontslag is hulp van een advocaat vaak verstandig.